Ooievaar vindt gespreid bedje
Registreren

Ooievaar vindt gespreid bedje

Trouw: MARIANNE WILSCHUT − 17/01/15, 01:53

De winter is een drukke periode voor ooievaarsnestenbouwers Henk en Gerda van Zetten. Steeds meer mensen willen de vogels een plek bieden. 'En ooievaars willen bij mensen zijn.'

Je zou er met het gure weer zelf haast in willen kruipen. Het ooievaarsnest van wilgentenen gevuld met hooi, dat Henk van Zetten (64) vasthoudt, ziet er comfortabel uit. Zo van dichtbij lijkt het 1.35 meter brede nest groot genoeg om zelfs Pino lekker te laten slapen. Toevallig is dit exemplaar ook bestemd voor een locatie in Hilversum, maar niet voor Sesamstraat. "Die andere twee", Van Zetten wijst naar nog twee enorme vogelnesten die in de voormalige koeienstal staan, "gaan naar Enschede en Dreumel."

De kant-en-klare nestpalen van Van Zetten en zijn vrouw Gerda (59) uit Wageningen zijn in het hele land en daarbuiten terug te vinden. "Ik lever ook weleens aan België, Duitsland en Polen", zegt Henk van Zetten. Jaarlijks verkoopt het stel zo'n 50 tot 60 kant-en-klare nesten, sommige aangevuld met vogel- en vleermuizenkasten. De afnemers zijn heel divers. "Het varieert van particulieren, tot gemeenten, waterschappen, natuurverenigingen, kinderboerderijen en zelfs woningbouwcorporaties die hun wijk meer sfeer willen geven." De ooievaarsnesten worden meestal op een paal geplaatst maar een kerktoren of een schoorsteen kan ook. "Zolang de ondergrond maar stabiel is."

De winter is een drukke periode voor de bouwers. "Begin maart komen de vogels terug uit Spanje en Afrika en dan moeten ze hier een warm plekje hebben." Gisteren was Van Zetten nog in Vrije Geer, een natuurgebiedje in Amsterdam Nieuw-West. Met zijn hijskraan moest hij een drassige bodem en een klein bruggetje trotseren. "De wind, de kou en de regen maakten het er niet makkelijk op. Maar het is gelukt. Er staan nu drie extra nesten op verzoek van de plaatselijke natuurorganisatie."

Ze waren nodig omdat de ooievaars vorig jaar nog om één nest moesten vechten. "Er is er zelfs eentje door een snavelprik omgekomen", weet Van Zetten. "Ik heb het bij ons ook weleens meegemaakt. Dan zie je ze die nek naar achteren gooien, ze klepperen met hun snavels en slaan met de vleugels. De veren vliegen in het rond, een machtig gezicht."

Oud karrewiel

Met dat eigen nest begon het twaalf jaar geleden allemaal. Op het dak van hun melkveehouderij die aan natuurgebied De Blauwe Kamer grenst, meldden zich twee ooievaars. Van Zetten: "Dat vonden we zo leuk, dat ik van een oud karrewiel en een paal een nest voor ze heb gemaakt. Kennissen vroegen of ik er voor hen ook een kon maken. Bij hen was het ook gelijk raak met een broedend paartje." Toen nog een verzoek uit de omgeving volgde, besloot het stel van het bouwen van nesten een vaste bijverdienste te maken.

De karrewielen hebben ze inmiddels gelaten voor wat ze zijn. De Van Zettens lassen zelf een metalen frame waar ze wilgentenen omheen vlechten. Hoe, dat willen ze niet vertellen. "Dat is het geheim van de smid." De palen van larixhout of douglas-sparren brandt Van Zetten van onderen af, waarna ze in de zwarte botenlak gaan. Zo gaan ze langer mee. "Dat heb ik gezien in Noorwegen. Het hout van de bekende Noorse houten staafkerken is ook gebrand."

Zelf maken de ooievaars ook nesten bijvoorbeeld op hoogspanningsmasten, maar ze vinden een gespreid bedje vaak fijn, mits het op een gunstige locatie staat. "Ooievaars zijn monogaam en nesttrouw", weet Van Zetten. "Als ze het naar hun zin hebben komen ze ieder jaar terug." Het is zijn ervaring dat een nest dicht bij huizen eerder bewoond is dan een paal in de polder. "Ooievaars willen bij de mensen zijn. Dat komt waarschijnlijk doordat ze het nest verlaten als de jongen wat groter zijn. Dan vinden ze het fijn als ze hun kroost vanaf het dak van een huis in de gaten kunnen houden."

Mensen vinden het op hun beurt ook fijn als er ooievaars in de buurt zijn. Van oudsher worden de karakteristieke vogels gezien als bodes van voorspoed en als handige ongedierteverdelgers. Van Zetten: "Het zijn echte vleeseters. Ze eten muizen, mollen, kikkers en torretjes."

"Omdat ze net als roofvogels aan het eind van de voedselketen zitten, ging het lange tijd slecht met de ooievaars", vertelt Arda van der Lee, voorzitter van Stichting Ooievaars Research & Knowhow. "Door het gebruik van DDT en andere insecticiden in de landbouw was de soort in de jaren zestig van de vorige eeuw bijna uitgestorven in Nederland. Mede dankzij de ooievaarsstations die de Vogelbescherming destijds heeft opgezet, is de populatie de laatste decennia weer opgekrabbeld."

Een belevenis

Dat steeds meer mensen en organisaties een paal met een ooievaarsnest op hun grond zetten, is volgens Van der Lee niet per se nodig voor het behoud. "Voldoende nestgelegenheid trekt ooievaars, maar dat hoeft niet altijd een kant-en-klaar nest te zijn. Ze nestelen ook in bomen of een ander hoog punt. Bij het huis van mijn moeder staat bijvoorbeeld zo'n paal maar daar hebben de ooievaars gekozen voor een naburige boom. Ze moeten wel een vrije aanvliegroute hebben en voldoende voedsel in de buurt."

Van der Lee is wel blij met de populariteit van de kant-en-klare nestpalen. "Als daardoor meer mensen betrokken zijn bij de ooievaar dan juichen we dat alleen maar toe. Het maakt het voor ons ook makkelijker om de vogels te ringen." Het enthousiasme van de mensen is ook een van de redenen dat de 64-jarige Van Zetten voorlopig nog wel even doorgaat met zijn bedrijfje. "Vrijwel overal word ik hartelijk ontvangen. Het is voor de buurt echt een belevenis als zo'n paal wordt geïnstalleerd. Ik zeg er wel altijd bij dat ik niet kan garanderen dat ze ook echt komen. Soms gaat er wel een paar jaar overheen voordat de vogels het nest vinden."

www.ooievaarsnesten.nl

Grote trekvogel maakt comeback

Lange tijd ging het slecht met de ooievaars in Nederland. In de jaren zestig van de vorige eeuw was de vogel hier zelfs bijna uitgestorven. Inmiddels lijkt het goed te gaan met de soort. Er zijn zo'n 750 broedparen in Nederland. In de zomer zijn er inclusief de jongen zo'n 3000 exemplaren in het land. Hoewel de ooievaar een trekvogel is die meestal in Afrika overwintert, blijven er deze maanden ook heel wat achter. Bij een landelijke telling vorig weekend werden 574 ooievaars gezien. Dat zijn er iets meer dan in 2014, toen overwinterden er 523 in Nederland.

 

 

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Donatie Thermometer

Webcams Blijde Wei

Een 'kleine' bijdrage voor Bijen

________________________________________________________________________________________________________________

Stripecity -  Hazeveld 47 - 2761XH Zevenhuizen - 06-37276168 - KvK: 59706198 - BTW: NL133579530B01 - Iban: NL92TRIO0390220167